Dordrecht

Bezoek aan het voedselbos Buitenzinnig

 

Op 1 september zijn wij weer gestart met activiteiten en waren wij op bezoek bij het voedselbos.

Wij kregen daar een paar interessante begrippen op het gebied van tuinieren uitgelegd: permacultuur en gildes. Van deze begrippen heb ik wat meer informatie opgezocht, omdat het voor de meesten nieuw is.

Dit voedselbos  is aangelegd met behulp van de theorie van de permacultuur.

Met permacultuur ontwerp je een functioneel systeem om de mens heen met de sterkte en veerkracht van een natuurlijk ecosysteem. Permacultuur is ontwerpen met de natuur.

Hoe werkt het?Je zou kunnen zeggen dat alle levende organismen één basisdoel hebben hier op aarde, dat doel is voortbestaan. Elk levend organisme, van pissebed tot zebra tot mens, probeert zo goed mogelijk voort te bestaan. Permacultuur is op een langdurige overleving van mens en natuur gericht door ze zo efficiënt mogelijk te laten samenwerken. Voor ons voortbestaan zijn wij afhankelijk van vele organismen,en planten zijn daar een belangrijke groep van. Het is daarom interessant om te bekijken wat planten nodig hebben om goed te groeien. Planten hebben aan de basis maar 4 dingen nodig; water, voedingstoffen, koolstofdioxide en zonlicht/warmte. Een aantal van deze basisbenodigdheden staan onder invloed van de zogenaamde ecologische hoofdfactoren.

De zon is de bron van bijna al het leven op aarde. Ze zorgt voor de energie die planten (producenten)nodig hebben om te groeien. Planten vormen met behulp van zonlicht en warmte, organisch materiaal uit water en koolstofdioxide. Dit proces wordt ook wel fotosynthesegenoemd.

Bijna alle landplanten en dieren zijn direct afhankelijk van de beschikking over zoet water.

De wind kan een grote invloed hebben op de groei van planten en is dan ook de derde ecologische hoofdfactor. In Nederland brengt de wind uit verschillende richtingen verschillende warme of koude luchtstromen met zich mee. De noordenwind is vaak aanzienlijk kouder dan de zuidenwind. Door te kiezen voor een bepaald ontwerp kan je de koude wind uit je systeem houden. Om dit goed te doen kun je de volgende vragen stellen: Wat is de overheersende windrichting? Waar komt de koudste wind vandaan en waar de warmste? Welke wind is het sterkst? Welke planten kan ik waar neerzetten in mijn systeem omde wind letterlijk om de tuin te leiden?

Veel dingen beginnen simpel, zo ook een ecosysteem. Het vastleggen van zonne-energie wordt gedaan door planten. Hoe meer planten je in je systeem hebt hoe meer energie er in je systeem wordt vastgelegd. Planten kunnen gegeten worden door mensen, rupsen, slakken, schapen, koeien etc. Hoe meer planten er zijn, hoe meer van deze planteneters je kunt hebben in je systeem. Wij zouden sommige van deze plantenetende dieren ook weer kunnen eten en er zijn ook andere dieren die graag dieren lusten. Denk bijvoorbeeld aan een vogel die een rups eet. Zo wordt een ecosysteem al snel gevuld met allerlei verschillende dieren en wordt het daarom ook snel een stuk complexer. Verder kan geen enkel lang draaiend ecosysteem zonder organismen die dood materiaal afbreken en omzetten tot nieuwe bouwstoffen. Voorbeelden hiervan zijn pissebedden, duizendpoten, wormen en veel bacteriën en schimmels. Hoewel er soms raar tegen deze organismes wordt aangekeken zijn ze wel erg nuttig. Zij zorgen er namelijk voor dat oude ongebruikte vormen af worden gebroken en de voedingstoffen opnieuw beschikbaar komen. Zo kan de cirkel van het leven rond en rond en rond blijven gaan.

De opbouw van een voedselbos

1

Hoge bomen

Walnoot, tamme kastanje, hoogstam fruitbomen

2

Lage bomen

Laagstam fruitbomen, hazelnoot, lambertsnoot

3

Klimplanten

Druif, kiwi, hop, passievrucht

4

Struiken

Rode en zwarte bessen, frambozen

5

Kruiden

Groenten, kruiden

6

Bodemkruipers

Pompoenen, courgettes, aardbeien

7

Knolgewassen

Aardappelen, wortels, uien, knoflook

 

Opbouw van een gilde

De samenstelling van de soorten planten kunnen elkaar versterken. Zij zijn teamspelers die beter groeien bij en met elkaar. Dit noemen we een gilde. Hieronder staan 8 plantensoorten die in een combinatie elkaar beter groeien.

1. Gras

Gras vormt sterke concurrentie voor andere planten in de ruimte boven- en ondergronds en neemt veel voedingsstoffen en water op.

2. Insectenplanten

Dit zijn planten die een verscheidenheid aan insecten trekken en jaarrond nectar leveren. De appel heeft bestuiving nodig en predatie om plaagdieren tegen te gaan. Door zo veel mogelijk jaarrond voedsel en schuilmogelijkheden voor ze te bieden heb je meer kans dat ze jouw tuin als vaste post gaan gebruiken. Vaak deze focussen gildes op bestuivers en roofinsecten, maar wat mij betreft: hoe meer soorten er op af komen, hoe biodiverser en hoe meer voedsel weer voor vogels. Van veel planten weten we wel dat ze nectar geven, maar niet iedere bloem is geschikt voor elk insect (of andersom). Voor een grote variatie aan insecten is het dus het beste een gevarieerd mengsel van bloemen aan te bieden. Het liefste zijn dit ook zo veel mogelijk inheemse planten, want inheemse soorten hebben vaak met meer inheemse dieren een relatie dan slechts nectar – zo trek je niet alleen de generalisten.

3. Vogels aantrekken

Oftewel vogels aantrekkend, want vogels zijn belangrijke roofdieren. In principe trek je ze al door voor zo veel mogelijk (verschillende) insecten en gelaagde beplanting te zorgen, maar hier gaat het ook om bessen. De zaden worden door de vogels weer verspreid.

4. ‘Dynamische voedingsstoffen afgevende planten

Dynamic accumulators zijn diepwortelende planten die voedingsstoffen uit lagen dieper in de bodem omhoog halen en afgeven op het moment dat ze hun blad laten vallen – of je ze afknipt. Nog een voordeel is dat ze het ondergrondse habitat vergroten en de grond dieper verbeteren door deze structuur te geven.

5. Bodem bedekkende laag

Hier worden levende mulch oftewel bodembedekkers mee bedoeld. Door de bodem te bedekken creëer je een extra laag voor habitat (veel insecten verschuilen zich er bijvoorbeeld graag in) en bescherm je deze tegen uitdroging en erosie door zon, wind en regen.

6. Specifieke stoffen afgevende planten

Ui-achtigen en/of afrikaantjes staan hierom bekend, omdat die stoffen afgeven die bepaalde bodemorganismen afschrikken.

7. Afschrikwekkend werkende planten

Oftewel afschrikkend voor ongewenste dieren. Dat zijn planten die een sterke geur verspreiden en zo bepaalde dieren moeten afschrikken of verwarren. Dit vind ik persoonlijk een lastige, omdat hier weinig wetenschappelijk bewijs voor is, behalve dan dat in een veld vol uien een handje vol wortels minder snel wortelvlieg heeft, of rozen minder last hebben van luis als er lavendel bij staat. 

8. Stikstofbemesters

Oftewel stikstof(N)-fixeerders – die zorgen voor een natuurlijke stikstofbemesting. bv. lupine

De kunst is ieder van deze eigenschappen door meerdere soorten planten te laten vervullen. En een plant kan ook meerdere van deze eigenschappen hebben – des te beter. 

De gedachte is dat hoe meer relaties er onderling zijn, hoe sterker en meer flexibel de gilde is en hoe gezonder de planten zijn.